Landgoed Den Vaertcant

Het landgoed Den Vaertcant refereert aan een historische turfvaart.
In 1324 gaf de heer van Breda een groot moer uit aan de abdij van O.L.V. te Middelburg.

                                                       

Dit gebied lag ten noordoosten van Terheijden. Het gebied was 790 ha groot en bestond hoofdzakelijk uit moeras. In de uitgiftebrief werd bepaald dat men de beschikking wilde hebben over drie vaarten/wegen. De gestoken turf werd met vletten afgevoerd over deze turfvaarten met veelal trekpaden erlangs. Door deze paden eeuwenlang te belopen ontstonden als vanzelf wegen. Het pad langst de Vaartkant werd in de late middeleeuwen vaak voor kerkbezoek gebruikt. Dit zeer oude pad loopt gedeeltelijk over het landgoed, het grootste deel is echter door ruilverkaveling en aanleg van (snel)wegen verloren gegaan.
De oude turfvaart grenst aan het perceel en is nog duidelijk herkenbaar.

 

Landgoed Den Vaertcant grenst tevens aan het bestaande natuurgebied de Binnenpolder van Terheijden. Dit gebied  heeft dan ook als inspiratiebron gediend. In samenwerking met Waterschap Brabantse Delta is  de kade langs de Vaartkantsevliet in 2006 aan het huidige landgoed toegevoegd.

Wat is een landgoed?

De Natuurschoonwet 1928 (NSW) is in 1928 tot stand gekomen.
Om een onroerende zaak aan te merken als landgoed, oftewel te rangschikken onder de Natuurschoonwet van 1928, moet eerst een verzoek worden ingediend bij de Minister Van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en bij de Staatssecretaris van Financiën. Deze stellen een aantal eisen aan de nieuwe buitenplaats. De combinatie van bebouwing, bossen, lanen, waterpartijen, tuinen en open ruimtes dient culturele waarde te hebben.

De oppervlakte van het onroerende  goed moet minimaal vijf hectare bedragen waarvan een gedeelte bestaat uit houtopstanden of natuurgebied. Op landgoed Den Vaertcant is gekozen voor de aanleg van ruim twee hectare inheems bos. Kenmerkende loofhoutsoorten uit deze omgeving zijn zomereik, zwarte els, beuk en es.
Naast deze opgaande boomsoorten is ook aandacht geschonken aan de bosranden in het beplantingsplan. Een goed ontwikkelde bosrand is ecologisch en landschappelijk zeer waardevol. Enkele soorten uit dit sortiment zijn sleedoorn, wegedoorn, sporkehout, kardinaalsmuts en Gelderse roos.Daarnaast zijn natuurvijvers aangelegd om planten en dieren te herbergen. Ook zijn er populieren- en essenvelden aangeplant. Lanen, hagen en botanische rozenpartijen dienen als verbindende elementen. Uiteraard is een aanzienlijk deel van het perceel gereserveerd voor de rozenkwekerij.

Voor de realisatie van een landgoed zijn diverse onderzoeken en vergunningen nodig. Alles bij elkaar passeren vele instanties de revue. Ook moeten fiscale en juridische vraagstukken worden opgelost.
De belastingdienst toetst de aanvragen in het veld voor het Ministerie van Financiën.
Voor het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit doen de provincies dit.
Nadat alle procedures en toetsingen positief zijn verlopen volgt rangschikking van het landgoed onder de Natuurschoonwet. Duurzame instandhouding en ontwikkeling van het natuurschoon staan hierbij voorop.  

In het voorjaar van 2007 heeft het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en
de Staatssecretaris van Financiën, landgoed Den Vaertcant aangemerkt als een NSW
landgoed, bedoeld als in artikel 1 van de Natuurschoonwet.

         

 

De intentie om een stukje duurzame natuur te creëren, hoe bescheiden dan ook, is de drijfveer geweest van Rozenkwekerij Van der Woning. Duurzame natuur in combinatie met duurzame bedrijfsvoering op een prachtig stuk grond in het buitengebied van de gemeente Drimmelen.

                                        

This website uses cookies. By continuing to use this site, you accept our use of cookies.